Herfstgedicht

De bladeren vallen van de bomen.
Ik zou er een bed van willen maken en in willen dromen.
Mijn hersenenen zet ik voor eventjes uit.
Het knopje daarvan klinkt net als een zachte fluit.
De rust, de stilte, de kleuren, de geuren.
Ik zou er mijn huis wel mee willen op fleuren.
Ik val in slaap op die grote hoop bladeren.
Ik voel me opeens zo licht alsof ik op een luchtmatras in een zwembad zit te varen.